Zuidkant van Flakkee Preview

Access this tour for free

Experience this tour for free. Available through our app.

Download or access the app

iOS Android Web

1: Startpunt: Haven van Battenoord

Je start deze fietstocht op de haven van het gehucht Battenoord, waar genoeg ruimte is om je auto te parkeren.

Deze haven was vroeger van betekenis voor het vervoer van landbouwproducten en de aanvoer van zwaar materiaal. Daarvoor waren aan de Oostzijde op de kade, waar nu de uitkijktoren staat, diverse loodsen gebouwd voor opslag. Voor de stormramp in 1953 was deze haven veel groter. Toen liep de haven door tot dicht op de woningen die op de dijk staan (en stonden), zoals te zien is op de foto.
De haven dient ook als afwatering van de polders Battenoord en Klinkerland. Na de stormramp in 1953 is de haven verkleind en ingericht voor recreatievaart.

Je kunt een kijkje nemen in het gehucht Battenoord en je vervolgt de route naar Nieuwe Tonge over de Battenoordse dijk, die is aangelegd om de polder Battenoord in te polderen (1455).

2: Battenoord

De huidige bebouwing dateert van ver voor de stormramp. Er zijn enkele kleine huisjes afgebroken, maar het meeste staat er nog en wordt ook bewoond. Het hoogste huis - het polderhuis waarvoor je nu staat - was de woning van de havenmeester. Die was verantwoordelijk voor het beheer van de haven en het waterniveau in de polders.

Richting het dorp Herkingen, ten westen van Battenoord, was vroeger het Spui (zie foto). Dat was een groot waterbassin dat door een sluis verbonden was met de haven. Bij opkomend water werd deze sluis geopend en stroomde het water het bassin in. Als het dan hoog water was, werd de sluisdeur gesloten en wachtte men tot het laag water was. Op dat moment werd de sluisdeur geopend en stroomde het water met kracht de haven in en door de vaargeul naar buiten. Door de sterke stroming werd dan de bovenste laag van los slik meegevoerd naar buiten. Op die manier werd de haven en de vaargeul op diepte gehouden. Een simpele manier van baggeren.

Tijdens de rampnacht, van 31 januari op 1 februari 1953, speelden zich op deze plek dramatische gebeurtenissen af. Het water van de Grevelingen, toen nog een open verbinding met de Noordzee, opgestuwd door de noordwester storm, spoelde over de dijk heen en holde aan de binnenkant de dijk uit. De dijk was niet bestand tegen dit geweld en bezweek. Het water stroomde vervolgens de achterliggende polders in en veroorzaakte daar een enorme ravage.

3: Battenoordsedijk 30

Op deze plaats, links van de dijk, stond een kleine boerderij tegen de dijk aangebouwd. Daar woonde in 1953 Piet Vreeswijk, de samensteller van deze route, met zijn ouders, zusje en twee broertjes. Piet was toen 15 jaar. Omdat hun boerderij hoger lag dan de andere bebouwing in de buurt, kwamen in de nacht van de stormramp de mensen van de lagergelegen boerderijen naar hun huis.

Over de dijk reden luxe auto's (zo werden personenauto's toen genoemd) met vrouwen en kinderen die op weg waren naar Nieuwe Tonge. Drie auto's werden door het woeste water van de dijk afgespoeld. De vrouwen en kinderen die erin zaten, verdronken in de golven. Drie mensen die hen wilden helpen, werden door de sterke stroom meegesleurd en verdronken eveneens. Enkelen lukten het om het huis van Piet en zijn familie te bereiken, waar ze uiteindelijk met 19 mensen samen waren.

Voor het huis waar Piet woonde, bij de scheidingsmuur van huis en schuur, stond een vrachtwagen. Die was stilgevallen door het over de dijk stromende water. De boerderij stortte gedeeltelijk in en allemaal moesten ze via het dakraam, over het dak, op de vrachtwagen gaan staan. Twee meisjes verloren hun evenwicht, werden door de sterke stroom meegevoerd en verdronken. De anderen konden in de vroege morgen over de restanten van de dijk naar Battenoord lopen.

4: Niet met woorden te vangen

Hier stond in 1953 een viertal woningen. Enkele bewoners waren op dat moment niet thuis in verband met familiebezoek aan 'de overkant'. Van de andere zestien bewoners zijn er dertien verdronken.

Een vader hing met zijn dochtertje van bijna twee jaar op de arm in een boom. Aan een andere tak hing zijn zoontje, twaalf jaar oud. In doodsnood riep het ventje "Pa, ik kan niet meer!". Hij liet de tak los en werd door het sterk stromende water meegesleurd en verdronk voor de ogen van zijn vader en zusje.

Zij konden de volgende ochtend bij eb over de dijk naar Nieuwe Tonge lopen.

5: Nieuw leven op 'Katendrecht'

Op deze boerderij, hoeve Katendrecht, woonden in 1953 zes mensen: vader, moeder, hun drie kinderen en grootvader. Moeder vluchtte, samen met haar drie kinderen, bij het stijgen van het water naar de zolder van het woonhuis. Vader en grootvader waren eerst naar de stal gegaan om de koeien los te snijden. Daarna zijn ook zij de zolder op gevlucht.

Vader, boer van beroep, was gewend aan bevallingen. Bij z'n koeien wel te verstaan. Zijn vrouw was een heel ander verhaal. In de vroege morgen diende zich de geboorte van hun vierde kind aan en moest de vader voor verloskundige spelen. Via het dakraam kreeg hij instructies van de buurvrouw.

Gezien de omstandigheden verliep de geboorte voorspoedig en er werd een gezonde jongen geboren.

6: Verdwenen huizen

Links van de dijk stonden op deze plaats vijf woningen, die zijn allemaal weggespoeld. Op de foto zie je een brandweerwagen; vijf brandweermannen, op weg naar Nieuwe Tonge, konden vanwege het oprukkende water niet verder komen en namen hun toevlucht tot het huis op nr. 12, waar ze met de bewoners tot de andere ochtend op de zolder verbleven. In de morgen van 1 februari 1953 wisten ze via de dijk Nieuwe Tonge te bereiken.

Rechts nog een huis, aan de onderkant van de dijk. In dat huisje woonde een ouder echtpaar. Samen hadden ze een veilig heenkomen gezocht bovenop de dijk. De vrouw ging terug naar haar huis om iets op te halen, haar man bleef op de dijk. Ze keerde niet meer terug.

7: De waker en de slaper

Nieuwe Tonge was voor de stormramp van 1953 niet rondom beveiligd door dubbele dijken. De eerste dijk - de waker - was er wel, maar de tweede dijk - de slaper - ontbrak daar.

Uit veiligheidsoverwegingen werd na de ramp besloten om deze Verbindingsdijk aan te leggen, zodat Nieuwe Tonge nu ook van deze kant werd beschermd door twee dijken. Ook werd toen vastgelegd dat die tweede dijk, de slaper, niet meer mocht worden bebouwd.

8: Den Barnat

Op deze kruising stond een viertal huizen, bewoond door in totaal veertien mensen.

Uit één gezin verdronken maar liefst vijf mensen. Eén zoon, Jan, wist zich op een bijzondere manier te redden: hij klampte zicht vast aan een matras, dreef daarop langs Nieuwe Tonge totdat hij tegen de Oudelandse Dijk aanspoelde, pal naast een kleine boerderij, De Spijker genaamd. Daar woonde zijn oom en vond hij een droge plek. Jan was de enige overlevende uit zijn gezin.

Bij het bejaarde echtpaar Klaas en Dina, dat in één van de andere vier huizen woonde, brak het huis vlak langs hun ledikant af. Een stuk van ongeveer twee meter breed bleef overeind, zoals je kunt zien op de foto. Daarop hebben ze de hele nacht gezeten, totdat ze de volgende morgen werden gered. Kun je je voorstellen hoe ze die nacht doorleefd hebben?

9: Kerkring met dorpskerk

De dorpskerk van Nieuwe Tonge, gebouwd in het jaar 1473, heeft de stormramp goed doorstaan. Wel was het hele interieur beschadigd, want er stond meer dan een meter water in de kerk. Op de foto zie je Kerkring zoals die erbij lag rond 4 februari, met - enigszins surrealistisch - besneeuwde daken.

De huizen die aan de Kerkring staan, hadden alleen waterschade. Alle bewoners hebben zich tijdig in veiligheid kunnen brengen door hun zolders op te zoeken. Eén van de bewoners, die op het gemeentehuis werkte, was door de burgemeester opgeroepen om assistentie te verlenen op Battenoord. Hij was een van de mannen die probeerden om met 'luxe wagens' vrouwen en kinderen veilig naar Nieuwe Tonge te brengen, maar werd daarbij meegesleurd door de sterke stroom en verdronk.

10: Finlandplein

Kun je raden waarom dit plein zo heet? Die vraag is niet zo moeilijk, aangezien in het hele rampgebied straten en pleinen zijn vernoemd naar de Scandinavische landen.

Op het Finlandplein staan negen van de dertien woningen die het Rode Kruis van Finland na de watersnoodramp aan Nederland schonk. Deze huizen werden in losse onderdelen verscheept en moesten ter plaatse worden opgebouwd. Al deze woningen zijn particulier eigendom. Als je voor de ramp een vrijstaande woning had en die dusdanig beschadigd was dat herbouw niet mogelijk was, dan kreeg je een bouwvergunning voor een nieuwe woning. Deze vergunning kon je inleveren en tegen betaling van 1.000 gulden kreeg je dan een Fins huis. Uiteraard verviel daarmee de bouwvergunning.

Op het Finlandplein vind je een monument dat de herinnering aan de stormramp levendig houdt. Elk jaar wordt er op 1 februari een herdenkingsbijeenkomst gehouden in de dorpskerk en van daaruit gaat een stille tocht naar het monument waar een krans wordt gelegd.

Het monument stelt een vrouwenfiguur in de golven voor en heeft als opschrift Psalm 93 vers 4: "Doch de HEERE in de hoogte is geweldiger dan het bruisen van grote wateren".

Het bijzondere is dat deze psalm, als de ramp niet was gekomen, in de kerkdienst van zondag 1 februari 1953 als openingspsalm gezongen had zullen worden.

In Nieuwe Tonge kwamen 85 mensen om het leven.

11: Henrica's Hoeve

Je staat nu bij de Henrica's Hoeve, langs de Oudelandse Dijk. Ten tijde van de ramp woonde hier de familie Buijs.

Op ongeveer 100 meter afstand van de boerderij stond langs de dijk tot 1953 een arbeiderswoning, zoals je toen wel vaker zag bij boerderijen. Daar woonde de familie De Boed, bestaande uit vader, moeder en twaalf kinderen. Het gezin kon niet meer op tijd worden gewaarschuwd.
Alle veertien zijn ze verdronken.

12: Verwoesting van Schoolstraat en Jozefsdreef

Nadat in de Zuiddijk - waar je later nog langs fietst - een aantal bressen was geslagen, stroomde het water met veel geweld Oude Tonge binnen. Daar bereikten de golven als eerste de Schoolstraat die onder langs de Molendijk loopt. Op deze plek zijn dan ook diverse huizen en boerderijen zwaar beschadigd of zelfs helemaal verdwenen. Zes mensen verdronken.

Achter de Schoolstraat en evenwijdig daaraan ligt de Jozefsdreef. Ook die straat kreeg een geweldige golf water te verwerken, wat resulteerde in een complete verwoesting. In deze ene straat verloren 36 mensen het leven, waaronder zeven kinderen jonger dan vijftien jaar.

13: Oude Tonge in het hart getroffen

De Julianastraat is zeker een van de zwaarst getroffen straten van Oude Tonge. Aan de westkant van de straat veranderde een vloedgolf alle huizen op twee na in ruïnes.

65 (!) mensen werden door het water verrast en verdronken in de golven.

Na de ramp begon een periode van herstel en wederopbouw. Net als op veel andere plekken in het rampgebied, vind je ook hier een aantal karakteristieke geschenkwoningen. Het Zweedse Rode Kruis schonk de huizen werden geschonken aan het zwaar getroffen Oude Tonge.

Vanuit de hele wereld kwam er hulp. In de vorm van huizen, maar ook in de vorm van dekens, kleding, schoenen, speelgoed, voedsel, hout, en noem maar op.

14: Koe op zolder

Tijdens de watersnoodramp van 1953 stond het water in Oude Tonge enkele meters hoog. Niet alleen veel inwoners, maar ook veel huisdieren en vee overleefden hier de ramp niet.

De bewoners van het huis op Nieuwstraat 50 zijn in allerijl gevlucht en lieten op hun vlucht de voordeur openstaan. Dat was de redding voor een koe. In doodsnood rende de koe de openstaande deur door, klom de trap op naar zolder en overleefde op die manier de ramp.

Een gevelsteen herinnert aan deze bijzondere redding. Te zien is een koeienkop met de tekst:
"Ik vocht voor 't leven,hier werd het gegeven"

15: Dorpskerk

De grote, laatgotische dorpskerk bestaat uit een schip met hoge noorderzijbeuk, een smaller en lager vijfzijdig gesloten koor met aan de noordzijde, een sacristie en een half ingebouwde toren; de klokkenverdieping is versierd met drie spitsboog nissen in ieder gevelvlak. Er is een curieus bakstenen zuiderportaaltje in neogotische vormen. Inwendig staan tussen het schip en de noordbeuk zuilen met onversierde lijstkapitelen. De kerk heeft verder houten tongewelven en trekbalken met muurstijlen en korbelen.

De restauratie van kerk en toren is voltooid in 1967, waarbij de toren een bekroning in 17e eeuwse trant kreeg. Tot de inventaris behoren: een preekstoel uit 1633 met kaarsenarm en zandloperhouder van koper, drie koperen kaarsenkronen (17e eeuw), een tekstbord uit 1840 en een aantal grafzerken uit de 15e, 16e en 17e eeuw. (bron: Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed)

16: De Kaai van Oude Tonge

Afstapmoment: Aan de kaai vind je verschillende gezellige en verrassende horecagelegenheden. Hier kun je een pauze inlassen en genieten van een heerlijk kopje koffie of een maaltijd.

De haven van Oude Tonge was een belangrijke uitvoerhaven van landbouwproducten. Er woonden toen veel schippersfamilies aan de kade. Vandaag de dag heeft deze haven nog steeds een belangrijke functie, maar die beperkt zich tot recreatievaart.

Van hieruit werden na de watersnoodramp mensen en dieren naar veiliger oorden vervoerd. Doordat er tijdens de rampnacht schepen in de haven lagen, had men al vrij snel de beschikking over roeiboten waarmee mensen die her en der op de daken en zolders zaten, konden worden bevrijd uit hun hachelijke situatie.

17: Massagraf aan de Heerendijk Oude Tonge

Omdat deze dijk, de Heerendijk, op deze plek vrij hoog ligt, viel deze plaats het eerste droog. Het was dan ook de enige plek waar de slachtoffers van de watersnoodramp konden worden begraven.

De in Oude Tonge en wijde omgeving gevonden lichamen werden hier in een massagraf gelegd, nadat ze - als dat mogelijk was - waren geïdentificeerd. Die taak kwam vaak op de schouders van gewone dorpelingen terecht. Later zijn op verzoek van familieleden sommige mensen herbegraven in de eigen gemeente, maar het merendeel van de slachtoffers bleef begraven in Oude Tonge.

Elk jaar wordt op 1 februari een herdenking gehouden met een kranslegging. Er zijn in totaal 312 mensen begraven. Tien slachtoffers konden niet worden geïdentificeerd.

18: Keersluis

De haven van Oude Tonge werd tot 1953 slechts beschermd door één keersluis, die bij hoog water werd gesloten. In de rampnacht was dat ook het geval. Helaas waren de dijkjes aan weerskanten van het havenkanaal buiten de sluis dermate laag, dat het zeewater er overheen spoelde. Zo liepen de polders aan beide kanten van het kanaal vol en werd Oude Tonge direct bedreigd door het water. De enige andere dijk die Oude Tonge nog kon beschermen, de Heerendijk, bezweek onder het geweld, zodat de golven vrij spel hadden.

19: Nieuwe sluis bij Oude Tonge

Doordat het dorp Oude Tonge niet direct aan de Grevelingen (Volkerak) ligt, is er een lang kanaal nodig om de haven te kunnen bereiken. Het eind van het kanaal wordt sinds 1953 afgesloten door een sluis.

Zoals je weet, was de keersluis die je eerder bent tegengekomen tot die tijd de enige bescherming van de haven van het dorp. Ook omdat de dijken langs het kanaal niet hoog genoeg waren om de aangrenzende polders te beschermen bij hoogwater, werd deze nieuwe sluis gebouwd.

Na de aanleg van de Grevelingendam heeft Het Volkerak geen getij meer; de nieuwe sluis werd feitelijk overbodig.

20: Buitendijk ter hoogte van 'Hoek van Sint Jacob'

De plek waar je nu staat, heeft een bewogen geschiedenis.

De strekdam die je voor je ziet, is het restant van een dijk die ooit werd aangelegd om het achterliggende gebied in te polderen. Nadat de dijk, inmiddels eeuwen geleden, doorbrak, is deze nooit meer hersteld. De buitendijk waar je over fietst, is een stuk van de nieuwe dijk die is aangelegd tussen Ooltgensplaat (Galathese sluis) en Herkingen. Al in de nazomer van 1953, vrij kort na de ramp, was de dijk klaar.

Hoe ging men te werk?

De grootste zandzuiger die toen bestond, De Ahoy, werd op de Grevelingen (zoals het grote, open binnenwater toen heette) bij de zandbanken neergelegd om zand op te zuigen. Dat werd vervolgens met bakken vervoerd naar de 'Hoek van Sint Jacob'.

Hier lag het tussenstation, dat het opgebaggerde zand uit de bakken zoog en via pijpleidingen en enkele tussenstations verder transporteerde naar de uiteindelijke bestemming. Dit gigantische karwei moest voor het najaar klaar zijn, voordat de winterstormen zich weer konden aandienen.

21: Aanleg van de Grevelingendam

De Grevelingen werd afgedamd tussen 1958 en 1965. Niet zo zeer voor de waterveiligheid, maar vooral om de bouw van de Brouwersdam, Oosterscheldekering en Haringvlietdam makkelijker te maken. De dam, van 6 kilometer lang, zorgde ervoor dat de stroming tussen de eilanden sterk verminderde.

Vanwege de lengte van de dam was het niet mogelijk om alleen maar caissons te gebruiken, zoals op andere plaatsen gebeurde. Eerst werd de afstand verkleind door de Plaat van Oude-Tonge, die halverwege lag, op te hogen. Daarna werd het zuidelijke deel afgesloten met behulp van op maat gemaakte caissons.

Het noordelijke deel, tussen de Plaat van Oude-Tonge en Flakkee, werd afgedicht met behulp van grote betonblokken, die via een kabelbaan in de geul werden gestort. Een vernieuwende methode, die nog niet eerder op deze manier was toegepast.

Eén van de grote ankers waaraan de kabels waren bevestigd, staat er nog en is nu een monument ter herinnering aan de voltooiing van de Grevelingendam.

22: Blaakweg 1: het huis van de familie Pieterse

Windmolens, symbool van vernieuwing en vooruitgang, alsof ze er altijd hebben gestaan.

Niets is minder waar. Deze plek ademt geschiedenis, menselijk leed.

Dwars op de dijk loopt de Blaakweg. Hier stond voor de ramp, een oude boerderij. Daar woonde de familie Pieterse: vader, moeder en hun twee zoons. De jongste was negen jaar oud, de oudste zou op 15 februari twaalf jaar zijn geworden.

Omdat het water al over de weg heen liep, was het onmogelijk om het gezin Pieterse nog tijdig te kunnen waarschuwen. Ze zijn alle vier verdronken.

23: Tussendijk 1: het huis van de familie Nagtegaal

Ook op deze plaats stond een boerderij, hier woonde de familie Nagtegaal. Vader en moeder Nagtegaal hadden vier kinderen: Joost, Leentje, Maarten en Jacob. Jacob was de jongste en nog maar vier jaar oud.

Maarten sliep die nacht, van 31 januari op 1 februari 1953, bij oma. Zij woonde even verderop, aan de Battenoordsedijk 7. Dat moest, omdat er thuis niet genoeg ruimte was als de vriendin van Joost een weekend overbleef. Dus als Maria kwam, sliep Maarten of één van de anderen bij oma Van Dreunen.
Het water kwam snel die nacht; de mensen die het gezin Nagtetaal nog wilden waarschuwen, zagen licht branden in de boerderij en dachten dat de familie het dreigende gevaar al had bemerkt. Snel keerden ze op hun schreden terug om zichzelf in veiligheid te brengen.

Het hele gezin Nagtegaal verdronk die nacht; alleen Maarten overleefde de ramp.

24: Familiegeschiedenis van de Van Erkels

Nog een huis dat er niet meer is. In 1953 woonden op deze plek de opa en oma van Hans van Erkel, waarover je hoorde in het verhaal van Piet Vreeswijk (filmpje bij de derde stop).

Opa en oma werden op tijd wakker gemaakt; ze gingen - lopend - meteen via de Battenoordseweg naar de boerderij van Holleman, aan de Battenoordsedijk. Toen de taxi van Van der Maas voorbij kwam, kon oma Van Erkel een lift krijgen naar haar zoon Jaap (de oom van Hans), die aan de Battenoordsedijk op nr. 20 woonde. Ze stapte in, terwijl haar man te voet verder ging. Even daarna bereikte ze het huis van haar zoon op de dijk, schijnbaar veilig tegen het water.

Het verhaal is je inmiddels bekend: kort daarna brak de buitendijk op verschillende plaatsen door. De golfstroom die daardoor ontstond, vaagde het huis van Jaap van Erkel volledig weg. Oma Van Erkel kwam daarbij om het leven, evenals de vrouw en dochter van Jaap.

Haar man ging van de boerderij van Holleman te voet naar Nieuwe Tonge. Hij overleefde de ramp.

25: Camping De Grevelingen

Voor 1953 stond er onderaan de buitendijk een grote boerderij. Die werd bewoond door de familie Buijs. Zij waren allen gewekt. Twee kinderen, Kees en Arie, werden ondergebracht bij de familie Vreeswijk aan de Battenoordsedijk. De rest van het gezin bleef op de boerderij.

Toen de dijk tussen Battenoord en Hoek van Sint Jacob Doorbrak steeg het water snel in de polder Battenoord en de familie vluchtte naar de zolder. Op dinsdagmorgen zijn zij met een vlot opgehaald en naar Battenoord gebracht. Allen hebben de ramp overleefd.

26: Eindpunt: Haven van Battenoord

Je bent weer terug waar je eerder vandaag bent begonnen: op de haven van Battenoord.

Nog één ding: de haven van Battenoord heeft vooral in de wintertijd een opmerkelijke attractie. Vreemd genoeg overwintert hier al een aantal jaren een kolonie flamingo's. Het zoete water op de plaatsen waar ze vandaan komen (in Duitsland) bevriest door de winterkou, terwijl het zoute water van de Grevelingen altijd open blijft. De flamingo een tropische vogel? Dat is een fabeltje.

Ik hoop dat je de route hebt kunnen waarderen, of dat het je althans iets heeft opgeleverd. Voor mij staat dit gebied bol van de verhalen en herinneringen; ik zou om de paar meter wel een verhaal kunnen vertellen. Iets daarvan heb ik met je gedeeld. Ter herinnering aan hen die er niet meer zijn.

Deze route is uitgezet door Piet Vreeswijk, ooggetuige van de watersnood in Battenoord en vrijwilliger bij het Watersnoodmuseum in Ouwerkerk.

Zuidkant van Flakkee
Cycling
26 Stops
3h
25km