Haringvlietdam Preview

Access this tour for free

Experience this tour for free. Available through our app.

Download or access the app

iOS Android Web

1: Stellendam, Buitenhaven

Je start bij de buitenhaven van Stellendam; een goede gratis parkeergelegenheid en een zeer geschikte uitvalsbasis voor deze route.

Hier vind je ook enige goede gelegenheden om bij terugkeer een visje te verschalken als beloning. Ook alvast een goede locatie om een eerste indruk te krijgen van dit staaltje waterbouwkunde dat zelfs vandaag de dag respect afdwingt.

Het inventieve Deltawerk werd in 2013 nog door de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed voorgedragen als Rijksmonument.

Gemiddeld wordt 70 procent van het water van de grote rivieren, de Maas en de Rijn, via deze sluizen afgevoerd. De overige 30 procent gaat via de Nieuwe Waterweg bij Rotterdam de Noordzee in.

Het sluizencomplex is 1 kilometer lang en heeft 17 openingen die elk 56.5 meter breed zijn.

Om het Noordzeewater buiten te houden en de Haringvliet zoet te houden, bestaat het complex uit 34 vizier-schuiven, dat wil zeggen met een opening aan zeezijde en een opening aan de rivierzijde.

Het dichten van het 4,5 km lange gat tussen Goeree-Overflakkee en Voorne-Putten was een complexe operatie die 14 jaar duurde. Doordat schepen tijdens de bouw moesten blijven passeren, was het onmogelijk om de opening in één keer af te sluiten. Daarom werd er eerst een werkeiland en een werkhaven gebouwd om het sluizencomplex te bouwen.\nBron: www.rijkswaterstaat.nl

Innovatie in dijkenbouw; Gondels

Toen de sluizen bijna gebruiksklaar waren, werd vanaf het werkeiland een metershoge kabelbaan naar Voorne-Putten gespannen. De hieraan hangende gondels lieten 93.000 enorme blokken beton in het water vallen.

1.5.De overspanningen
Het lijkt zo simpel als je over het sluizen complex rijdt maar de betonconstructie zelf is zeer vernuftig opgezet.

De doorsnede van de draagconstructie heeft de vorm van een Fenische harp, de Nabla, en wordt daarom een nabla-overspanning genoemd.

Let op de constructie aan de onderzijde van de pijler (aan de rivierzijde). Waarom is dit zo stevig en steekt het uit?? Het is bedoeld om tijdens strenge vorst de ijsschotsen te breken om kruien tegen de dijk te vermijden.

Ook ziet u de ingang van een vistunnel.

De schuiven.\nEnorme staalconstructies die de enorme krachten moeten trotseren. Met potlood en papier berekend, bij wijze van spreken.

Op "het droge" kon men in alle rust de schuiven in elkaar zetten en controleren. Ze zouden immers lang mee moeten gaan en menig storm of ijsschots trotseren.

2: Pier Stellendam

Te voet kun je de pier op om een goed uitzicht te krijgen op de sluizen in de Haringvlietdam.

Waar je nu staat was vroeger het Zuiderdiep, een vaargeul waar visserij, handel en marine dankbaar gebruik van maakten, maar die bij tijd en wijle behoorlijk tekeer kon gaan.

Om het achterland te beveiligen werd gekozen voor kustlijnverkorting: tussen de eilanden werden dammen en keringen gelegd om het gebied erachter te beschermen tegen het water.

3: Havenhoofd

Op deze luchtfoto zijn de verschillende fasen van het ontstaan van het kustlandschap goed zichtbaar.

De stranden zijn ontstaan door bezinking van zand; duinen ontstaan door het verstuiven van zand. Achter de duinen ontstaat begroeiing en vindt vervening plaats. Dat proces gaat altijd door.

Vroeger ontstonden in het veen kreken, die door de eerste bewoners werden gebruikt om te vissen en handel te drijven. Deze nederzettingen groeiden uit tot dorpen en steden, zoals het welvarende Goedereede.

De eilanden in de Zuidwestelijke Delta werden vanaf de vijftiende eeuw steeds belangrijker voor de voedselvoorziening van de Hollandse steden, wat nu de Randstad is. Het veenlandschap van Holland was eigenlijk te drassig voor landbouw en was meer geschikt voor veeteelt.

Reden dus dat vanaf de vijftiende eeuw de ontginning van de zeekleigronden in de delta als een lucratieve onderneming werd beschouwd. Het overstromingsrisico nam men op te koop toe.

Op het kaartje zie je de dam die is aangelegd door de Staten van Holland en voltooid in 1751. De dam verbond de eilanden Goeree en Overflakkee met elkaar.

Niet voor niets dat de bewoners van Stellendam tijdens de Rampnacht in '53 via die dijk een veilig heenkomen zochten richting het "veilige" zuidoosten, de polders Dirksland en Melissant. Tevergeefs: veel mensen verdronken op de oude dam.

De mogelijkheid om het grondwaterpeil nauwkeurig te regelen speelt vanouds een belangrijke rol in het succes van de Nederlandse landbouw.

Let eens op de duikers en afsluiters die het waterpeil regelen. Echter, tijdens de Ramp bleken deze duikers een belangrijke factor in het onder water lopen van de polders omdat deze duikers niet tijdig werden afgesloten of onbruikbaar waren door slecht onderhoud.

4: Goedereede, Haven Zuidzijde

Steden in de delta hebben zich ruwweg langs drie verschillende lijnen ontwikkeld: als kerkringdorp (bijvoorbeeld Dreischor op Schouwen-Duiveland), voorstraatdorp (bijvoorbeeld Stellendam) of als havenstad, zoals Goedereede.

Goedereede is ontstaan aan de monding van een kreek aan de zuidzijde van het eiland. De kreekmond diende tevens als havenmond; met het spuien van overtollig polderwater werd de haven uitgeschuurd en op diepte gehouden. Later in deze tour komen we terug op het spuibeleid.

De luwe zuidzijde van het eiland bood schepen een “goede rede”, beschermd tegen wind en golfslag van de zee.

Als je meer wilt weten over het ontstaan de Zuidwestelijke Delta, lees dan 'De staat van de Delta', geschreven door Han Meyer.

TerwijI de benedendijks wonende bewoners nog in rust verkeerden, waren de bewoners van de huizen langs de haven al druk in de weer om het water met behulp van vloedplanken in de deur- en raamkozijnen te keren.

Doordat het water bleef stijgen, moesten de vloedplanken in de coupures telkens worden verhoogd. Om ongeveer half drie begonnen er verschillende vloedplanken over te lopen, waarop Klein de opdracht gaf om de noodklok te luiden en in de smalle straatjes door geroep en gebons de bevolking te waarschuwen voor het naderende gevaar.

Door zijn ligging op de hoofdwaterkering was Goedereede kwetsbaar. De huizen van op de haven waren onderdeel van de zeewering.

Voorafgaand aan die bewuste Rampnacht, op zaterdag 31 januari tussen 22.00 en 23.00 uur's avonds, sloot timmerman Klein, die ook brandweercommandant was, de openstaande coupures met de aanwezige vloedplanken. Daardoor werd de doorgaande verkeersweg tussen Stellendam en Ouddorp, die gedeeltelijk langs de haven liep, afgesloten en werd het eiland als het ware in tweeën gedeeld.

Bij huisnummer 4 zijn de coupures nog te zien.

5: Goedereede

Ongeveer gelijk met het luiden van de noodklok om ongeveer 3 uur 's nachts bezweken een aantal vloedplanken in de gevels van de huizen langs de haven, net als de coupures in de Catharinastraat, de Pieterstraat en de kering ten zuiden van de spuisluis. Ondanks dat het water er al overheen liep, hielden de andere coupures stand.

Via de ontstane bressen kwam er water in de lager gelegen dorpsdelen en vandaar in de achterliggende polder. Door instromend water werd het Spui tot ongeveer halverwege de dijkhoogte gevuld. Om ongeveer half vier daalde de waterstand en hield het instromen op. Later bleek, dat dit het gevolg was van het doorbreken van de beide Havendijken en het onderlopen van de achterliggende polders.

Toen het water rond half vier wat ging zakken, dachten de mensen dat het ergste voorbij was. Maar toen begon het pas.

Met een geluid alsof er op korte afstand een bombardement plaatsvond, kwam er uit het zuiden een nieuwe stroom water. Verondersteld wordt dat de Kleine Zuiderpolderse Zeedijk en de buitendijk van de Schaddeleepolder op dat moment zijn doorgebroken.

Enorme watermassa's baanden zich een weg door de polder Nieuw Westerloo en vernielden alles wat op hun weg kwam.\nLater fietsen we langs een aantal van deze plekken fietsen om je een indruk te geven van wat er die nacht is gebeurd.

Lees meer in 'De overstromingen van Goeree-Overflakkee 1953', door Ing. H. Stuurman.

6: Kom even bij in café 't Sas

Neem even de tijd om alle indrukken te verwerken en de verhalen op je in te laten werken bij café 't Sas.

7: Spuidijk

Het Spui was aangelegd als reservoir om bij laag water te kunnen spuien en met deze waterstroom het slib uit de vaargeul weg te spoelen. Bij opkomend tij liet men het spui vollopen en bij hoogwater werd de spuisluis gesloten. Vlak voor laagwater werd de spuisluis geopend om slib uit de geul te slijten en tevens om alle stadsafval naar zee af te voeren.

8: Doorpakkers in Ouddorp

Toen burgemeester Kleijnenberg van Ouddorp op zaterdagmiddag 31 januari 1953 met de laatste veerboot vanaf Hellevoetsluis naar het eiland terug kwam, werd hij zeer verontrust door het woeste water op het Haringvliet.

Zodra hij thuis was, nam hij contact op met de vuurtorenwachter. Die vertelde dat door het slingeren van de toren de klok stil was blijven staan. Burgemeester en vuurtorenwachter spraken af dat de burgemeester meteen gewaarschuwd zou worden als er gevaar dreigde.

Gedreven door toenemende ongerustheid had de rijkskantonnier Wim Westhoeve al op zaterdag de duiker tussen de polders Preekhil en het Oudeland gesloten. Zijn collega aan de noordkust heeft op zijn beurt zondagnacht rond één uur de duikers in de Lange- en in de Groene dijk dichtgemaakt. De verbindingsduiker tussen de polder De Plas en het Oudeland was al afgesloten.

Om twee uur 's nachts kwam bericht van de vuurtoren dat het water verontrustend steeg. Direct daarna waarschuwde de burgemeester de gemeentediensten en liet hij het luchtalarm loeien, terwijl ook de telefooncentrale werd bezet.

Aan dit kordate optreden en het vroegtijdige alarm slaan, is het te danken dat het aantal slachtoffers tot één beperkt bleef.

9: Bloemenweelde en beton in de Preekhilpolder

De Oudelandse Zeedijk is een ouwetje - in de 12e eeuw opgeworpen ter bescherming van de polder Oudeland, de oudste van de vier Ouddorpse Polders. 's Zomers is de dijk dankzij het schrale beheer een ware bloemenzee, 's winters een prachtig uitkijkpunt voor vogels.

Een middeleeuwse terp met daarop een bedevaartskapel voor zeelieden - dat zou de naam van de Preekhilpolder verklaren.

Een groot deel van de polder is onder de hoede van Zuid-Hollands Landschap, inclusief de zogeheten 'inlaag' aan de zuidkant. Nadat de oude dijk hier een paar keer was doorgebroken, werd in 1881 landinwaarts een nieuwe dijk aangelegd. Daarvoor werd klei uit de strook grond tussen de oude en de nieuwe dijk gebruikt. Zo'n strook tussen oud en nieuw heet een inlaag. Hier in de Preekhilpolder bestaat de inlaag uit riet, moeras en open water.

Links het klotsende water en rechts de polder met vlakke bries, breedbladige orchis en harlekijn. Op de dijk zelf is het een bloemenweelde met margrieten, distels, akkerwinde, zandblauwtje, bevergras en grasklokjes. Beneden aan de dijk vind je zoutminnende planten als zilte zegge, lamsoor en schorrezoutgras.

Behalve in natuurkundig opzicht, was de Grevelingen ook in militair-strategisch opzicht van belang. Als onderdeel van de Atlantikwal tijdens de Tweede Wereldoorlog, maar ook daarvoor. Even verderop fiets je langs de Hollandse Schans. Als je tijd en zin hebt zeker een bezoekje waard.

10: De haven van Ouddorp

Om ongeveer kwart over vier in de nacht van 1 februari brak de dijk bij de haven van Ouddorp door. Daardoor liep de polder “Het Oude Land” onder water. Een kwartier eerder was de Oudelandse Zeedijk al doorgebroken, waar je zo meteen langs fietst.

Kort voor de doorbraak was men op deze plek druk in de weer met zandzakken, maar helaas zonder resultaat.

Het water verraste veel mensen in hun huizen. Door snel naar de zolder te vluchten, konden zij hun leven redden. Ook toen was 'verticale evacuatie' - een begrip dat je misschien kent uit de serie 'Als de dijken breken' - de ontsnappingsroute met de meeste kans op succes.

Na het bekend worden van de dijkbreuk heeft men - althans volgens burgemeester Kleijnenberg - nog geprobeerd om de tussen de beide dorpen wonende mensen te waarschuwen, maar door het snel stijgende water is dat niet helemaal meer gelukt.

Lees meer over deze en andere doorbraken in het boek van Koos Hage, Atlas van de watersnoodramp 1953.

Burgemeester Kleijenberg kwam snel in actie. Op advies van rijkskantonnier Wim Westhoeve vroeg de burgemeester via de radio - aan iedereen die het hoorde - om 100,000 bossen rijshout, 100,000 zandzakken en 600 ton steen om het gat in de dijk snel te kunnen dichten.

Deze oproep werd onder meer opgevangen in Borne, in Overijssel. Daar trokken mensen direct de bossen in om rijshout en struiken te kappen.

Een paar dagen later werd de bestelling via Rotterdam afgeleverd in Ouddorp.

11: Eerste doorbraak: Jillesweg

Rond vier uur was de eerste grote doorbraak bij de Jillesweg in de Oudelandse Zeedijk. Door dit gat, dat uitgroeide tot een stroomgat van 100 meter breed, golfde het water de polder in. Het grootste deel van de polder kwam tot zo'n tweeënhalve meter boven het maaiveld onder water te staan. Ook Ouddorp liep onder. 1 inwoner van Ouddorp kwam daarbij om het leven.

Het stroomgat in de Oudelandse Zeedijk werd als laatste gedicht. Op 22 februari werd het eerste zinkstuk in het stroomgat afgezonken. Na de derde laag zinkstukken werd hierop een dam van stortsteen en zandzakken aangelegd. Op 27 februari om elf uur's avonds was de dam tot boven hoogwaterniveau gebracht en was het stroomgat dus geblokkeerd.

Vervolgens werd aan de polderzijde nog een zandzakkendam aangelegd, waarna zand gestort werd tussen de twee dammen. De zo ontstane brede dam werd met zandzakken opgehoogd en met rijsbeslag verstevigd.

Via de uitwateringssluis bij de haven van Ouddorp en een hulpgemaal aan het Spui in Goedereede, waar je eerder langs bent gefietst, wordt het overtollige water afgevoerd. Op 10 maart hebben de bewoners van het Oudeland weer droge voeten.

12: Zuiderpolderse Zeedijk

Vermoedelijk rond half drie brak op deze plaats de Kleine Zuiderpolderse zeedijk. Niet op één plaats, maar op 9 plekken, kort na elkaar. Een van de bressen groeide uit tot een stroomgat van ongeveer 100 meter, met een diepte van enkele meters.

Je begrijpt, de polder liep razendsnel vol en ook de achterliggende dijken waren niet bestand tegen het water. Als dominosteentjes liepen de omliggende polders richting Ouddorp en Stellendam onder water.

Je kunt deze dijkdoorbraken vinden in de 'Atlas van de Watersnood 1953' van Koos Hage, op blz. 132 en 133.

Om Ouddorp bereikbaar te maken, moest de hoofdweg naar het dorp als eerste worden drooggemaakt. Daarom werden eerst de binnendijken aangepakt (A, B en C op het diagram), voordat de zeewering werd hersteld. Stroomgaten 5 en 6 werden uiteindelijk eind april pas weer gesloten.

Je fietst verder langs de Slikken van Flakkee, in beheer van waterschap De Hollandse Delta. Op verschillende plekken langs de route kun je meer lezen over het ontstaan en de flora en fauna in dit bijzondere gebied.

13: Damweg

"Spoedig stroomde het water uit de Woutrinapolder over het zuidelijk deel van de Damdijk. Daardoor vielen er om kwart over 4 's nachts een aantal brede en diepe gaten in de dijk zodat van hieruit een vloedgolf in de polder "Eendracht" ontstond die aan vele Stellendammers het leven heeft gekost."

Deze wat droge beschrijving maskeert de tragedie die zich die nacht op dit punt heeft afgespeeld.

Een twintigtal Stellendammers was, verontrust door het gevaar vanuit de haven van Stellendam naar de naar hun idee veilige Damdijk gegaan. Misschien herinner je je nog dat die Dam al in 1751 was aangelegd als verbinding tussen Goerree en Overflakkee.

Op weg naar Melissant waren deze Stellendammers gestuit op het water dat vanuit de Gabriëllinapolder over de Damdijk de "Eendracht" in stroomde. Daarop besloten ze om via de Stelleweg naar de hogergelegen Johannahoeve te vluchten. Op dat moment brak de Damdijk achter de Woutrinapolder door. Slechts twee mensen wisten zich in veiligheid te brengen. De anderen verdronken in de golven.

De tweede foto, genomen bij de Johannahoeve, illustreert hoe het water hier heeft huisgehouden.

14: Tragiek aan de Langeweg

“Dit zijn de woningwetwoningen aan de Langeweg, waar de tram vlak langs de huizen ging. Je zag op vrijdagavond de kindertjes in de teil zitten om gewassen te worden. Wat is er toch van hen geworden?"

Fragment uit een persoonlijk fotoalbum

15: Henri Dunantstraat

Na de Ramp hebben veel landen, overheden en organisaties bijgedragen aan noodhulp en herstel in de getroffen gebieden. Ook het Rode Kruis heeft een belangrijke rol gespeeld na de Ramp. Veel gemeenten in het Rampgebied vernoemden straten of gebouwen naar hun redders in nood. Zoals hier, naar de grondlegger van het Rode Kruis, Henri Dunant, als boegbeeld van humanitaire hulpverlening.

16: Duurzame geschenken in de Koning Haakonstraat

De hulp aan het Rampgebied kwam in allerlei vormen: van speelgoed tot complete huizen. Een aantal landen hebben woningen ter beschikking gesteld: niet bedoeld als noodwoning, maar voor duurzame bewoning.

De geschenkwoningen die je hier ziet, zijn geschonken door het Noorse volk, net als bijvoorbeeld in Burgh-Haamstede op Schouwen. Uit dankbaarheid is de straat vernoemd naar de toenmalige koning van Noorwegen, Haakon VII.

17: Het Haagse Huus

De Ramp bracht soms het allerbeste in de mensen naar boven; saamhorigheid en barmhartigheid. De 'adoptie' van Stellendam door collega-vissersdorp Urk is daar een mooi voorbeeld van.

Maar, soms was de Ramp ook een directe aanleiding voor onderlinge haat en nijd. Bijvoorbeeld hier in Stellendam, waar frictie onstond binnen de dorpsgemeenschap. Direct al tijdens de Ramp, en ook daarna.

Misschien dat dit de reden was voor de Rijksoverheid om de Stellendammers juist dit geschenk aan te bieden: een buurthuis, door de dorpelingen genoemd het "Haagse Huus.”

18: Een echte leider

De 31-jarige Laurens Visser, boer, brandweercommandant en lid van polderbestuur De Grote Dijckage, vertelt over zijn ervaringen in de bewuste nacht van 31 januari op 1 februari 1953.

"Om half één werd er aan de deur gebeld. Het was de ondercommandant van de brandweer. Hij zei: 'Ik ben een oude visserman en ik vertrouw het water met. Maar de polder-opzichter was aan de haven en die zei dat er is niks aan de hand is. Maar ik wil dat jij als heemraad van de polder ook naar de haven komt om je oordeel te geven.' Ik ben meegegaan naar de haven en ik zag meteen, dat het riskant was. Ik zei: 'De mensen aan de haven moeten gewaarschuwd worden.' Ja, want daar lagen er nog te slapen. Ik heb de sirene laten loeien en toen kwamen de mensen de huizen uit. Op dat moment begon het water al over de havendijk te stromen, de Voorstraat in.\nHet trieste is dat er een heleboel mensen zijn gaan vluchten naar Melissant. Want het was algemeen bekend dat Stellendam in de diepte ligt en Melissant 'n stuk hoger. Maar die mensen zijn dus grotendeels op hun vlucht over de binnendijk verdronken. Dat zal ik nooit vergeten: het gebulder van de storm, het geloei van het vee, het schreeuwen van de mensen.' Als ik er nu over praat, hoor ik het weer."

In het boek 'De ramp. Een reconstructie van de watersnood van 1953' van Kees Slager kun je meer lezen over het kordate optreden van Laurens Visser (en anderen).

19: Stellendam: Voorstraat

Voorstraatdorpen zoals Stellendam ontstonden als gevolg van het verbod door water-en heemraadschappen om op of aan de dijk te bouwen. Dit zou kunnen leiden tot verzwakking ervan. Ook zou het controle, onderhoud en eventuele verhoging van de dijk bemoeilijken.

Overwegingen die nog altijd een rol spelen bij het aanleggen en onderhouden van waterkeringen en binnendijken.

Hare Majesteit Koningin Juliana is meerdere malen in het rampgebied geweest om de getroffen bevolking een hart onder de riem te steken en zich als staatshoofd op de hoogte te stellen van de voortgang van het herstel.

Juliana enigszins kennende, zal zij de ruziënde bestuurders en andere betrokken partijen (in bedekte maar toch zeer duidelijke termen) vermanend hebben toegesproken. Burgemeester baron Von Knobelsdorff had namelijk in zijn "enthousiasme" Stellendam tot Sperrgebiet" verklaard, wat inhield dat de dorpelingen niet naar hun drooggevallen woningen terug mochten om er schoon te maken. Schoonmaakploegen die niet in het dorp woonachtig waren, mochten het dorp wel in. Je kunt begrijpen dat deze maatregel kwaad bloed zette bij de Stellendammers.

20: Slepen met reddingsboten

Herinner je je Laurens Visser nog? Hij vertelt verder over zijn belevenissen tijdens de Rampnacht.

"Een deel van de jongens van de brandweer is 's nachts op de dijk bij de haven gebleven. En die hebben met mijn tractor bootjes uit de haven gesleept en over de dijk gezet, zodat ze - zodra het licht werd - het dorp in konden varen. Zo kwamen ze mij ook al vroeg in de ochtend van de zolder halen. Nee, toen het nog donker was hebben ze niet gevaren. Dat was ook niet te doen, want het was een helse toestand met die storm en al dat wrakhout. Dat was echt levensgevaarlijk geweest.

Met die bootjes zijn we toen mensen van zolders en daken gaan halen. Want bij mij naast stond een huis waar de muur al uit was geslagen en waar 'n heel gezin op een open zolder zat. We hebben nog meer bootjes uit de haven gehaald. In het dorp zelf zijn er eigenlijk alleen een paar mensen verdronken in een arbeidersbuurtje, waar hele slechte huisjes stonden."

21: Delta Expo op de Haringvlietdam

Loop de trap eens af naar het informatiebord en bewonder deze immense constructie van dichtbij.

Schepen moeten voor onderhoud of ijsbreken onder de sluizen door kunnen varen. Het vaartuig op de foto is weliswaar geen ijsbreker, maar laat wel zien dat schepen er onderdoor kunnen.

Foto: http://intertechniek.nl/projecten/haringvlietsluizen

Het Haringvliet is een volledig zoet meer geworden. De smalle buitendijkse gronden raakten begroeid met riet en bieden een goede nestmogelijkheid aan de fuut en bruine kiekendief. Veel soorten flora en fauna hebben baat gehad bij de afsluiting van de zeegaten, maar andere hebben eronder te lijden gehad. Ook is gebleken dat de door het periodiek spuien gevormde zoetwaterbellen in de Noordzee voor problemen zorgen.

Er is nu besloten om de schuiven permanent op een kier te zetten om de overgang van zoet naar zout iets minder abrupt te laten verlopen. De foto is genomen tijdens het kier-experiment, dat was bedoeld om de effecten te meten.

Ben je geïnteresseerd in deze ontwikkelingen? Een goede bron is het 'Hoofdrapport van de Milieu-effectrapportage over een ander beheer van de Haringvlietsluizen' van Rijkswaterstaat.

22: Zeehondenopvang A-seal

In het hele Delta-gebied kun je ze tegenwoordig vinden: zeehonden. Opduikend uit het water of luierend op een zandplaat.

In deze opvanglocatie worden zieke of verzwakte zeehonden opgevangen en verzorgd, totdat ze weer kunnen worden uitgezet.

Breng eens een bezoekje aan A-seal in Stellendam!

http://www.aseal.nl/

Haringvlietdam
22 Stops